Een roman die zowel de eenvoud als de complexiteit van liefde beschrijft. Liefde krijgt in dit verhaal een spirituele lading terwijl je je fascineert over de Oosterse cultuur en met name de ingetogenheid en het onvoorwaardelijke vertrouwen in het lot.


Samenvatting
Julia Win is een succesvolle advocate in New York. Toch blijft de plotselinge verdwijning van haar vader na haar diploma-uitreiking, jaren geleden, aan haar knagen. Destijds is er onderzoek gedaan naar zijn verdwijning, maar daaruit werd vooral duidelijk dat niemand ook maar iets wist van zijn eerste twintig levensjaren. Wat ook nog naar boven kwam, is dat de vader van Julia naar Birma is gereisd, maar vanaf daar ontbreekt elk spoor.

Julia krijgt een veertig jaar oude liefdesbrief van haar vader in handen, die hij heeft geschreven aan een onbekende vrouw met de naam ‘Mimi’. Julia besluit daardoor om zelf een zoektocht naar haar vader te starten. Het is een impulsieve actie waarmee ze haar moeder geen plezier doet. Julia reist naar het dorpje Kalaw in Birma vanwege de adressering op de brief. Ze wordt daar al snel aangesproken door een man genaamd U Ba, die naar eigen zeggen al die tijd op haar komst heeft gewacht en haar alles wil vertellen over haar vader en zijn geschiedenis. Hij wil haar zelfs vertellen waar hij is.

In eerste instantie vertrouwt Julia hem niet en voelt ze zich vreselijk ongemakkelijk in Kalaw. Het is een klein dorpje waarvan maar weinig inwoners ooit elders ter wereld zijn geweest. Toch besluit Julia om naar het verhaal van U Ba te luisteren. U Ba vertelt dat haar vader, Tin Win, op een zaterdag in december is geboren. Volgens de astrologie, waar destijds veel waarde aan werd gehecht in Kalaw, brengt een kind wat op die dag is geboren bergen ellende met zich mee. Het gezin van Tin Win wordt nogal nerveus en wanneer de vader van Tin Win komt te overlijden door een noodlottig ongeluk, besluit de moeder van Tin Win om haar zoon achter te laten en van huis weg te lopen, om uiteindelijk nooit meer terug te komen. Tin Win wordt aan zijn lot overgelaten, maar wordt gelukkig opgevangen door de buurvrouw, wiens verleden niet bepaald rozengeur en maneschijn is geweest. Daardoor is ze erg nuchter en heeft ze het lak aan de astrologie. Ze voedt Tin Win op. Echter blijkt al snel dat er iets mis is met Tin Wins ogen. Hij wordt langzaam maar zeker blind. De zorgzame buurvrouw brengt de jonge Tin Win onder in een klooster dat geleid wordt door een oude, wijze monnik. Tin Win leert hier omgaan met zijn blindheid.

Al snel leert hij Mimi kennen, die gehandicapt is omdat ze kreupel is. Ze kan daarom niet lopen, kruipt dus rond of wordt gedragen door haar broers. Mimi en Tin Win lijken elkaar gevonden te hebben wanneer Mimi op Tin Wins rug klimt en hem de weg wijst. Hij leent haar zijn benen en zij zijn ogen. Het schept een onbreekbare vertrouwensband die omslaat in een liefdesrelatie. Ze zijn samen dolgelukkig en smoorverliefd op elkaar.

Let op, spoileralert!
Dezelfde astrologie als waar Tin Win het vertrek van zijn moeder aan heeft te danken, zorgt er ook voor dat hij bij Mimi wordt weggehaald. Een rijke oom die hij nog nooit eerder heeft gezien, wordt verteld dat hij onheil kan afwenden als hij een familielid te hulp schiet. De rijke oom denkt na en herinnert zich dan ineens nog een neefje in Kalaw te hebben dat blind zou zijn. Misschien kan hij iets voor dat neefje om zo de astrologie gunstig te stellen. Hij laat Tin Win ophalen, die staar blijkt te hebben. Hij laat Tin Win behandelen waardoor hij zijn zicht weer terug krijgt. De zeer dominante oom ziet Tin Win als een geluksamulet omdat zijn handeltje sinds Tin Wins komst behoorlijk is opgebloeid. Hij besluit om Tin Win op zijn kosten naar school te sturen, en uiteindelijk te laten studeren in New York.

Al die tijd schrijft Tin Win naar Mimi en Mimi naar hem, maar de brieven worden continu onderschept door de oom die doodmoe wordt van het sentimentele gezwijmel en hoopt dat het ophoudt als hij de brieven blijft onderscheppen. Uiteindelijk schrijft hij Mimi zelf, met het verzoek namens Tin Win om hem niet meer lastig te vallen omdat het hem afleidt van zijn succesvolle studie. Mimi belooft hem nooit meer te schrijven. Echter blijven de twee in hun liefde voor elkaar geloven, ondanks dat ze nooit samen kunnen zijn zolang Tin Wins egoïstische oom leeft.


Mening
‘Een van de mooiste liefdesgeschiedenissen die je ooit zult lezen’ staat er op de kaft. Dat is het zeker, maar ik moet erbij zeggen dat het verhaal her en der nogal dubbel en wrang is. Tin Win is namelijk altijd van zijn jeugdliefde Mimi, waar hij noodgedwongen afscheid van moest nemen, blijven houden. Echter is Tin Win door de tijd heen getrouwd met een Amerikaanse vrouw waar hij ook kinderen mee heeft gekregen. Zonder enige aankondiging verlaat hij op een dag dit gezin om Mimi op te zoeken. Hoewel ik zijn dillemma en hunkering naar Mimi begrijp, kwetst hij hiermee zijn gezin en dat vond ik niet bepaald fraai. Ik heb op internet meerdere reacties en recensies gezien waar lezers over dit gegeven vielen.
Ik moet echter toegeven dat het anderzijds wel past bij het mysterieuze en inzichzelf gekeerd karakter van Tin Win en de moeizame relatie met zijn Amerikaanse vrouw. Dus ik begrijp waarom de auteur hiervoor heeft gekozen en dat vind ik ergens ook wel weer moedig. Het is immers heel makkelijk om een ‘perfect’ personage te schetsen dat precies handelt volgens het boekje. Maar een personage die juist afwijkend gedrag vertoont, is stiekem wel een stuk interessanter. Ook al loop je het risico dat de lezer zich daardoor wat moeilijker kan inleven in je personage.

De liefde tussen Tin Win en Mimi kreeg van mij ook nog een kanttekening. Ik vond dat Tin Win zich té gemakkelijk bij Mimi weg liet halen. Hij heeft immers niet één keer een weerwoord gegeven of zijn behoeftes uitgesproken terwijl de gevolgen voor zijn dierbare relatie gigantisch en intens verdrietig waren. Ik vind dat de schrijver hier te makkelijk over doet, ook al begrijp ik dat dit juist blijk geeft van zijn ingetogen persoonlijkheid en dienstbaarheid.

Los van deze twee feiten, is het een meeslepend liefdesverhaal dat de boedhistische benadering van liefde beschrijft. Het laat je inzien dat sommige liefdes niet zo zeer fysiek zijn, maar juist spiritueel. Dit heeft Sendker knap gedaan.

 

Het boek kent een vervolg:
De stem van het hart


Over Jan-Philipp Sendker
De schrijver is geboren in Hamburg in 1960 en werkte in eerste helft van de jaren 90 als Amerika correspondent voor het Duitse magazine Stern. In de tweede helft van de jaren 90 was hij correspondent in Azië. Het zal dan ook niemand verrassen dat hij in het jaar 2000 het boek ‘Cracks in the Great Wall’ publiceerde. Een non-fictieboek over China. Het verklaart ook tevens waarom ‘Wat het hart kan horen’ zich afspeelt in Birma. ‘Wat het hart kan horen’ schreef hij in 2002, hoewel het toen eerst in het Duits werd uitgebracht als ‘Das Herzenhören’. Toen het in het Nederlands werd vertaald, kwam het ‘Het theehuis van Kalaw’ te heten. Echter was er niet veel aandacht voor. Het werd daarom opnieuw vertaald en kreeg als titel ‘Wat het hart kan horen’.